Archive for October, 2009
Ongewenste reacties
Gisteravond was het weer eens raak, mij blog werd bezocht door een of meerdere lieden met minder frisse bedoelingen. Ik zag om 23:16 de eerste verificatie mail binnen komen. Ik dacht nog dat het weer een de pillenspammers zou zijn die al een paar weken tevergeefs een lek probeert te vinden.
Toen ik vanmorgen achter de computer kroop zag ik dat op al mijn postings was gereageerd een actie die tot 00:29 uur heeft geduurd. Vijf kwartier voor 140+ onzin reacties (url spamming) klinkt niet snel. Ik zag de zwaar onderbetaalde blogspammers ergens in een bedompt rokerig en vies Chinees internetcafé al voor me.

Natuurlijk heeft ook deze spamrun, de grootste die ik dit jaar heb meegemaakt, weinig effect. Zonder mijn nadrukkelijke toestemming kom je namelijk mijn server niet op. Een soort van draconische opt-in, maar het werkt wel.
Ik was wel weer ruim een uur bezig alles te doorgronden en de verzenddomeinen te notificeren en/of te blacklisten. En zo kwam ik weer een aantal interessante zaken tegen.
- Tot de lekke systemen waardoor ik werd bespamd waren twee van Canadese overheidsdiensten;
- Een IP adres verwees naar een Amerikaans cluster van supercomputers;
- IP adressen van medische centra in Italië, ik dacht direct aan een veilig EPD;
- bekende IP spamreeksen uit België, Rusland, China et cetera.
Ik had overigens snel doordat ik wederom niet de enige ontvanger was van dit soort reacties. In ieder geval 4 grote hosting -en accessproviders waren onbereikbaar op het abuse adres.
De mailboxen waren vol.
We geven internet de schuld
In maart van dit jaar richtte een scholier in Winnenden, Duitsland een waar bloedbad aan op school. Nadat hij de school uitvluchtend al schietend door de buurt was gegaan werd hij zelf door politie agenten dodelijk getroffen.
Deze walgelijke daad, helaas niet de eerste in Duitsland, deed wederom de vraag rijzen hoe dit soort voorvallen ontstaan. En omdat het niet de eerste keer was lag het voor de hand dat wetenschappers en politiediensten op zoek gingen naar de overeenkomsten met vergelijkbare voorvallen in Duitsland en elders.
Maar dat is niet precies wat gebeurde.
De Duitse deelstaat Baden-Württemberg, waar Winnenden ligt, vond het namelijk verstandiger een zogenaamde expert groep in het leven te roepen, de Expertenkreis Amok. Het begrip Amok is een treffende beschrijving voor de gebeurtenissen. Wat echter niet klopte was de samenstelling van de expert groep. In deze groep zaten namelijk naast erkende deskundigen ook nabestaanden en slachtoffers.
Het rapport dat dit gezelschap produceerde bevat een groot aantal adviezen aan de lokale en nationale overheden hoe z.g. Amokläufe voorkomen kunnen worden.
Zo heeft het rapport een aantal nuttige tips hoe onderwijzers en anderen tijdig de signalen kunnen waarnemen dat een scholier afwijkend gedrag vertoond. Ook is er de oproep de omgang met vuurwapens kritisch te bekijken. De schutter van Winnenden had eenvoudig de vuurwapens van zijn vader weten te bemachtigen. Schieten had hij jaren daarvoor legaal geleerd op de lokale schietclub.
Wat er dan echter volgt in het rapport is een weergaloze opsomming van de gevaren van het internet. Online spelen, RPG‘s, single Shooters, videoportalen, het zijn in de ogen van de Expertenkreis Amok levensgevaarlijke (!) omgevingen voor de jeugd.
De overheid dient hier tegen op te treden, de inhoud moet worden geblokkeerd en de leeftijd van online gamers moet vooraf worden gecontroleerd. Dan komt het goed uit dat in Duitsland al een kinderporno filter bestaat. De ISP’s moeten als het aan de expert groep ligt dat filter maar uitbreiden voor bovenstaande vormen van content.
Over de rol van ouders, de geringe bereidheid zich te verdiepen of interesseren in wat hun kinderen online doen wordt bijna geen woord gerept. Het is ook anno 2009 nog steeds veel makkelijker dat ongrijpbare internet maar overal de schuld van te geven.
Edit: Peter Langman heeft onderzoek gedaan naar het verschijnsel. Zijn boek, Why Kids Kill is dit voorjaar uitgekomen en inmiddels ook al vertaald. Een aanrader
Oplagecijfers in context
De nieuwste cijfers van het oplage instituut (HOI) leverden afgelopen week weer een aantal interessante staatjes en koppen. Bijna iedereen meldde de stijging van de Volkskrant oplage. De bredere ontwikkeling werd in minder publicaties aangekaart. As je de publicaties naast elkaar legt zie je ook nog eens verschillende cijfers worden genoemd.
Nu is het ook niet eenvoudig de cijfers te analyseren, want de oplagecijfers van het HOI zijn om te beginnen met twee voorliggende perioden te vergelijken. Je kunt Q2-2009 vergelijken met Q2-2008 of met Q1-2009. Daarnaast kennen de uitgevers van kranten tal van methodieken om zoveel mogelijk bij elkaar te kunnen harken. Betaalde oplage, proef abonnementen, gratis verspreiding zijn slechts enkele van de gebruikte categorieën. Hoi meldt nog dat er met ingang van Q1-2009 ook een nieuwe definitie is voor bulkleveringen.
De reden om zo hoog mogelijke oplagecijfers te kunnen publiceren is uiteraard, dat de uitgevers hierdoor interessanter zijn voor adverteerders. Althans dat was jarenlang een peiler waarop elk krantenbedrijf was gebouwd. De link tussen hoge oplage cijfers en veel advertentie inkomsten is duidelijk zichtbaar in de businesscase rond gratis kranten, iets waar ik al eerder over schreef.
Lands grootste ochtendblad liet een opmerkelijk patroon zien. De totale verspreidde oplage, dus gratis en betaald, steeg op kwartaal basis met ruim 1%. Tussen de dalers een mooi resultaat. Echter als je de vergelijking maakt op jaarbasis dan is er sprake van een daling van bijna 5%.
Die golfbeweging bracht me ertoe de Hoi cijfers beter te gaan bekijken. Wat mij opviel is dat bij meerdere titels de laatste jaren het aantal gratis verspreidde exemplaren is toegenomen. Zo is het grootste ochtendblad vergeleken met Q2-2008 zelfs 35% meer kranten gaan distribueren met als kenmerk “Gratis Verspreiding Totaal”. Zou dit soms gebeuren om de totale oplage – en daarmee de advertentie tarieven – op peil te houden?
Ondanks dit soort ontwikkelingen is er een tendens heel erg zichtbaar, betaalde titels staan onder druk. Daarom vond ik vond ook de kop van Villamedia “Krantenoplage neemt nog steeds af” de meest toepasselijke naar aanleiding van de HOI cijfers.
TV kijken is niet meer
2009 wordt het jaar dat de kabelbedrijven eindelijk een echte concurrent erbij krijgen. En dan doel ik niet op nieuwe aanbieders op de analoge kabel of het gedrocht digitenne. 2009 is namelijk het jaar dat de markt kennis maakt met mediaplayers.
Mediaplayers, een combinatie van mini computer en video recorder zijn de afgelopen maanden begonnen aan een indrukwekkende opmars. En daarmee wordt eindelijk invulling gegeven aan de term “de computer komt in de woonkamer”
Echter de wijze waarop computer de woonkamer in komt is toch anders dat menigeen heeft voorspeld. Wat er niet gebeurt, is dat alle computer functionaliteiten de woonkamer inkomen. Een mediaplayer is namelijk niet geschikt om mee te browsen of te e-mailen.
Dat was jarenlang wel het idee bij veel marketeers. Maar zij werden enkele jaren geleden al geconfronteerd met de doorbraak van de laptop en nog kleinere netbooks. Klein, goedkoop en zo krachtig dat ze heel goed als huiskamer computer kunnen dienen.
En de slimme techniek achter de laptops en netbooks vormt ook de basis voor de mediaplayers. Strikt genomen zijn het computers met een gewone afstandsbediening. Via het netwerk halen ze film en muziek van de andere computers en zetten dat door naar de versterker en tv (“streamen”). Het klinkt allemaal simpel en dat is het ook. Maar pas sinds dit jaar is men in staat de apparaten zo klein en stil te maken dat ze in een huiskamer niet meer opvallen.
Vanaf het begin van de zomer worden de computerwinkels in Nederland voorzien van deze kastjes en ik zie nu zelfs de eerste wit -en bruingoed ketens de machientjes in een prijsrange van €150 – €350 aanbieden. Daarmee zijn mediaplayers een betaalbaar alternatief voor gewoon tv kijken en opnemen geworden.
Want in principe kun je nu alles dat op internet beschikbaar is aan geluid en beeld via een slimme kast doorzetten naar de tv op momenten die je zelf bepaalt. Daarmee vervalt de noodzaak tot het afnemen van een duur abonnement met tientallen zenders, waar je slechts zelden optimaal gebruik van maakt.
Ik durf zelfs te beweren dat mediaplayers tv kijken, zoals dat generaties lang werd gedaan, ernstig bedreigd. De kijker nieuwe stijl kan nu eindelijk inhoud en tijdstip helemaal zelf bepalen. Daar heeft geen enkele coaxleverancier een passend antwoord op.
Co-creatie en Koffie
Vorige week groot nieuws van het Applefront. Er is 2 miljard keer een programma voor de iPhone en iTouch gedownload in de iTunes Appstore (bron1, bron2).
Vol trots kan ik melden, als bewust iPhoneloze burger, daar geen bijdrage aan te hebben geleverd. Maar ik kan het niet nalaten te wijzen op de volgende grappige en interessante toepassing. Starbucks heeft een commercieel goed doordachte app op de markt gebracht. Je kunt er Starbucks locaties mee vinden, achtergrond informatie over de koffie raadplegen, zelf je koffie samenstellen en met een tweede app kun je via je toestel betalen.
De onderdelen van de app zelf zijn niet uniek, er zijn al tal van store locators. Uniek is het combineren tot een geheel met een 100% Starbucks uitstraling. En dat is de eerste reden waarom ik er enthousiast over ben, je blijft binnen een “portal’ omgeving en wordt volledig op je wenken bediend zolang er een link is met koffie.
De tweede reden van mijn begeestering betreft de betaal module. Het gebruik van de mobiele telefoon als virtuele geldbuidel is al jaren onderwerp van gesprek. Banken en uiteraard telecomoperators worstelen met dit vraagstuk, want de bereidheid bij consumenten deze diensten te gaan gebruiken schijnt laag te zijn.
Echter nu komt er een retailketen, mede op basis van input gegeven door klanten, met een toepassing voor mobiel betalen. Zou daar dan ook het geheim achter schuilen waarom Starbucks en Apple deze stap kunnen zetten?
Hier is geen sprake van aanbod, gebaseerd op de eendimensionale belangen van een bank of telecomoperator. Deze app komt er namelijk omdat op de ideeënbus website van Starbucks klanten aangeven behoefte te hebben aan mobiele opties. Deze vraag is vervolgens opgepakt door Starbucks, Apple en Visa en verder uitgewerkt.
Wat nu wordt getest is het resultaat van de bereidheid te luisteren naar de klant en gezamenlijk te werken aan een goede app. Een pakkend voorbeeld van Co-creatie dus.
(voor demo, klik hier )
Is het spam?
In de regel weet ik feilloos of een e-mail gevraagd of ongevraagd in mijn postbus belandt, of het een bekende afzender en waarom het is verstuurd. Maar soms zijn er situaties dat ik twijfel over de relatie tussen de verzender en de ontvanger.
Zo kreeg ik vorige week nog een e-mail van een bedrijf dat ik totaal niet kende, maar de gebruikte aanhef deed me twijfelen. Wat bleek, men had het klantenbestand overgenomen uit de failliete boedel van een hardware leverancier waar ik eenmalig in 2005 een order had geplaatst.
In de e-mail werd de complexe relatie tussen verzender en ontvanger netjes uitgelegd. Het was wel netter geweest als men een opt-in in plaats van een opt-out link had meegestuurd. Maar dat is juridisch gezien in dit specifieke geval wellicht niet eens verplicht.
En toen zag ik volgend opmerkelijk bericht op Golem over een rechtszaak naar aanleiding van een eenmalig e-mail contact.
Een arts had met zijn zakelijk e-mail adres een webformulier ingevuld bij een hoster. Daarbij ging om een algemeen verzoek om informatie. De hoster reageerde met een e-mail aanbod voor hosting. De arts was hier niet van gediend, dat was in zijn ogen spam en hij wenste direct te worden uitgeschreven. Maar in plaats van een afmelding ontving hij een tweede aanbod.
Het korte lontje van de arts leidde tot een rechtszaak waar de eis was nooit meer te worden lastig gevallen en vergoeding voor de gemaakte kosten. De hoster bracht daar tegenin dat er sprake was van een relatie door het invullen van het webformulier en het dus geen spam was.
Het rechtbank was het niet eens met de hoster en wel om de volgende redenen.
Allereerst is een eenmalig contact via een webform geen vrijbrief of nadrukkelijke instemming. En het stellen van een algemene vraag rechtvaardigt niet dat gerichte commerciële boodschappen worden toegezonden (de doelbinding ontbreekt). Wat ook zwaar meewoog bij de beslissing, is dat op het verzoek tot uitschrijving werd gereageerd met een commerciële mail.
Als die laatste factor doorslaggevend is geweest dan moeten bedrijven die e-mail zaken doen met Duitsland uitkijken en minder ruim de tijd nemen voor het verwerken van de opt-out verzoeken dan in Nederland gebruikelijk is.